Categoriearchief: eerste maanden

Kruiden en melkproductie

Welke kruiden mag je gebruiken bij borstvoeding om de melkproductie op te krikken of af te bouwen?

  1. Ontspannende kruidenthee bij vermoeidheid, stress of onzekerheid: kamille (matricaria chamomilla), citroenmelisse (melissa officinalis), linde (tilia) en lavendel (lavendula angustifolia).
  2. Ontspannend bad met etherische olie van lavendel, kamille, lindebloesem. Let wel: als je etherische olie in je bad doet, mag je babytje niet samen met jou in bad!
  3. Capsules om je melkproductie te verhogen: fenegriek (trigonella feonum graecum) en gezegende distel (cnicus benedictus). Beide versterken elkaars werking en hebben binnen 24-72u effect.
  4. Thee om je melkproductie te verhogen: anijs (pimpinella anisum), venkel (foeniculum vulgare), dille (anethum graveolens) en karwij (carum carvi).
  5. Overige kruiden die je melkproductie kunnen ophogen: geitenkruid (galega officinalis) en mariadistel (silybum marianum).
  6. Een sterk kruid dat je melkproductie doet dalen is salie (salvia officinalis), wat je zeker niet mag gebruiken als je last hebt van hoge bloeddruk.
  7. Overige kruiden waarmee je voorzichtig moet omspringen omdat ze je melkpoductie kunnen verlagen: pepermunt (mentha piperita), kervel (anthriscus cerefolium), peterselie (petroselinum crispum), lavas (levisticum officinale) en zoethout (glycyrrhiza glabra). Gewoon culinair gebruik van deze kruiden heeft echter geen invloed op je borstvoeding. Let op: zoethout niet gebruiken bij hoge bloeddruk!

Gebruik niet langer dan drie weken hetzelfde kruid, varieer regelmatig en drink niet meer dan twee kopjes kruidenthee per dag met dezelfde kruiden.

© Borstvoeding Aardig 2019

Mixen van borstvoeding en kunstvoeding


Mag je borstvoeding en kunstvoeding met elkaar mengen in één flesje?

1. Melkproductie opkrikken

Wil je je melkproductie opkrikken, dan doe je dat door vaker te voeden. Drinkt je baby de borst voldoende leeg, maar heb je nog niet voldoende melkproductie, dan kan het zijn dat de lactatiekundige aanraadt om na de borstvoeding nog een flesje kunstvoeding (of donormelk) te geven. Dat is doorgaans niet meer dan 30ml per voeding. Hou daarbij het flesje zo veel mogelijk horizontaal en draai de fles goed dicht. De tragere melkstroom komt dan overeen met die uit de borst.

2. Melkproductie afbouwen

Wil je je melkproductie afbouwen, dan ga je geleidelijk aan borstvoeding vervangen door kunstvoeding. Neem rustig de tijd om je borstvoeding af te bouwen. Doe je dat te snel, dan kan je stuwing krijgen of zelfs een borstontsteking. Eén borstvoeding per week vervangen door kunstvoeding zorgt ervoor dat zowel je babytje als jouw borsten rustig kunnen wennen aan de verandering. Hou de flesjes klein: 90-120ml/fles. Dat is de hoeveelheid die de meeste baby’s uit de borst drinken per voeding.

Je baby kan door de combinatie van moedermelk en kunstvoeding moeite krijgen met zijn ontlasting. Moedermelk werkt immers laxerend, terwijl kunstvoeding meestal het tegenovergestelde doet. Heeft je baby moeite met stoelgang maken, dan kan je overwegen om tijdelijk weer wat vaker borstvoeding te geven.

Als je nog een hele tijd borstvoeding en kunstvoeding wil combineren, dan laat je bij voorkeur iemand anders de fles geven. Dat schept duidelijkheid voor de baby: bij mama drink ik uit de borst, bij een ander uit de fles.

Moedermelk en kunstvoeding mag je in één fles mixen. Kunstvoeding maak je apart aan en meng dan moedermelk en kunstvoeding samen in de fles. Het is echter jammer om je gekolfde melk te moeten weggieten. Daarom kan je ook eerst je moedermelk geven en daarna nog een flesje kunstvoeding klaarmaken als je baby nog honger heeft. Dan heeft ie de moedermelk zeker binnen. Een restje kunstvoeding weggieten vinden veel moeders minder erg dan wanneer ze een restje moeten weggieten waarin ook hun eigen melk gemixt werd.

© Borstvoeding Aardig 2019

Borstvoedingsmaffia

Het Laatste Nieuws – Het Debat

Worden vrouwen te veel gepusht om borstvoeding te geven?

Freya Saeys, huisarts en Vlaams parlementslid, noemt de voorstanders van borstvoeding ongenuanceerd “borstvoedingsmaffia” en beschuldigt hen ervan om “elke baby ter wereld aan de borst te willen krijgen”… Controversiële uitspraken tijdens de WereldBorstvoedingsWeek van 1-7 augustus 2019.

Het Laatste Nieuws belde me op voor een reactie. Mijn uitgebreide en volledige repliek, waarvan HLN slechts een kleine samenvatting publiceerde, vind je hier:

Ik word erg verdrietig van een huisarts, die verondersteld wordt om wetenschappelijk geschoold en universitair opgeleid te zijn, die uitspraken doet die anti borstvoeding zijn en de voorstanders van borstvoeding zelfs afschildert als “maffia”. Maffia is een geheel van illegale criminele organisaties die geweld niet uit de weg gaan. Erg jammer dat een politica en arts een dergelijke vergelijking maakt tussen organisaties die in de illegaliteit opereren en mensen die proberen om moeders te helpen, te ondersteunen en borstvoeding terug in de maatschappij te zetten als norm.

Freya Saeys zetelt in het Vlaams Parlement in de commissie Welzijn en Volksgezondheid en in de Commissie Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding. Dat een politicus die in dergelijke commissies zetelt zo’n ongelukkige uitspraken doet vind ik verbazingwekkend. Borstvoeding is de natuurlijke norm van zuigelingenvoeding, met gezondheidsvoordelen voor zowel de moeder als het kindje, niet alleen op lichamelijk, maar ook op psychisch vlak. Dat is onomstotelijk wetenschappelijk bewezen. Borstvoeding geven is bovendien stukken goedkoper dan elke week een bus kunstvoeding kopen.

Die 6-6-6-6-campagne van Kind en Gezin is een goede zaak. Ik ken bijna geen enkele moeder met een ouder kindje aan de borst die vanaf dag één ervan uitging dat ze de twee jaar zou halen. Ze startte met borstvoeding, keek hoe het liep, hield vol bij twijfels of zorgen en ging daarna gewoon door omdat borstvoeding uiteindelijk een stuk makkelijker werd dan kunstvoeding geven.

Wat de groep van moeders die zes maanden of langer borstvoeding geven gemeen hebben is niet het lidmaatschap van een ondergrondse criminele organisatie, maar het feit dat ze vaak al tijdens de zwangerschap op zoek gingen naar degelijke informatie en zich omringden met een netwerk van zorgverleners en andere borstvoedingsmoeders die hen steunen in hun borstvoedingskeuze en hen ook bijstaan als het eens wat moeilijker gaat. Want dat netwerk is cruciaal, net omdat de marketing van de kunstvoedingsindustrie erg sterk is en er veel geld mee gemoeid is.

Er is wel degelijk een verschil tussen moedermelk en kunstvoeding. Moedermelk is niet beter dan kunstvoeding, het is de natuurlijke norm. Borstvoeding is de voeding die mensen al miljoenen jaren krijgen gedurende de eerste maanden en jaren van hun jonge leventje. Kunstvoeding is het kunstmatig aangemaakte alternatief van moedermelk. Het is een afgeleide. Moedermelk is niet beter dan kunstvoeding, kunstvoeding is het afkooksel en dus van mindere kwaliteit, dan moedermelk. En dat is ook de reden waarom de WereldgezondheidsOrganisatie aanraadt, gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek, om borstvoeding te geven aan je kindje. Lukt dat niet, dan heeft afgekolfde melk van de eigen moeder de voorkeur. Kan ook dat niet, dan bij voorkeur afgekolfde melk van een andere moeder. En pas op de vierde plaats komt kunstmatige zuigelingenvoeding.

Dat die kunstvoeding van goede kwaliteit is mag ik hopen. Dat is de morele plicht van kunstvoedingsfabrikanten! Ze produceren immers melk voor zeer kwetsbare baby’s… En toch worden er regelmatig bussen kunstvoeding uit de rekken genomen omdat er verontreiniging in zou terechtgekomen zijn. Een kwalijke zaak!

De tepelkloven die dr. F. Saeys aanhaalt zijn niet inherent verbonden aan borstvoeding geven. Integendeel! Met de juiste begeleiding krijg je géén tepelkloven, doet de borstvoeding níet pijn en zijn andere ongemakken snel opgelost. Een moeder die een goede lactatiekundige onder de arm neemt, vanaf de zwangerschap, krijgt geen tepelkloven of ernstige borstvoedingsproblemen. De overige medische situaties die dr. F. Saeys aanhaalt (HIV, acute tuberculose, koortsblazen ter hoogte van de borst of bepaalde medicatie) zijn erg zeldzaam en komen haast niet voor. Ik kan ze in mijn tienjarige carrière als lactatiekundige op minder dan twee handen tellen…

Borstvoeding is gezond voor zowel moeder als baby, ook op psychisch vlak. Een moeder die kunstvoeding geeft heeft een hogere kans op het krijgen van een postnatale depressie, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek.

Het thema van de Internationale Week van de Borstvoeding legt daarom dit jaar de nadruk op het belang van een ondersteunende omgeving. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat een moeder langer borstvoeding geeft als haar partner en haar moeder haar steunt in haar keuze om voor borstvoeding te gaan. De eerste weken vergt borstvoeding geven een extra investering ten opzichte van kunstvoeding geven. Onderzoek geeft aan dat na een aantal maanden die investering in borstvoeding zichzelf dan weer terug verdient, omdat de investering in het geven van kunstvoeding, zoals melk klaarmaken, opwarmen, flesjes uitwassen, steriliseren etc dezelfde blijft en borstvoeding alleen maar makkelijker gaat.

Hetzelfde met slaaptekort, wat aangehaald wordt door dr. F. Saeys. Elke pas bevallen moeder lijdt aan slaaptekort. En de partner vaak ook. Dat is erg zwaar voor jonge ouders, welke voeding ze ook geven aan hun baby. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat moeders die borstvoeding geven na het voeden sneller in slaap vallen en ook sneller in een diepe slaapfase terechtkomen in vergelijking met moeders die hun kindje voeden met de fles. De slaap van kunstvoedende moeders is dus kwalitatief slechter dan die van moeders die borstvoeding geven. De natuur heeft het mooi geregeld! En met succes… De mensheid leeft al twee miljoen jaar op deze aardbol en de wereld dreigt zelfs overbevolkt te raken… Dat komt niet door de uitvinding en de commerciële verspreiding van kunstvoeding sinds vorige eeuw.

Dat borstvoeding niet te combineren valt met terug aan het werk gaan is onzin. Ik geef daar workshops over… En consultaties met adviezen op maat.

Ik begeleid als lactatiekundige vrouwen die borstvoeding geven, of dat nu één dag is of meer dan twee jaar en alles daar tussenin. Ik informeer, begeleid, adviseer en moedig aan, vanaf de zwangerschap. En verwijs door naar andere zorgverleners als dat nodig is. Als elke zorgverlener dat zou doen, dan zouden veel minder moeders zich “mislukt” voelen. Dan was hun keuze, welke die ook is, gefundeerd en gegrond gebeurd en zouden ze vrede hebben met de keuze die ze maakten. Ik wens dat alle moeders toe, vrede met de keuzes die ze maken. Want dat maakt van moeders moeders die goed in hun vel zitten. En dat is het enige waarin ik dr. F. Saeys bijtreed: een gelukkige moeder geeft meer kans op gelukkige kinderen.

© Borstvoeding Aardig 2019

Workshops rond borstvoeding in Oostende

Groepsprakijk Milho, Godtschalckstraat 1 – Oostende
Telkens van 10u tot 11u30
10 euro pp
Inschrijven: 0474/03.65.02

Borstvoeding tijdens de eerste weken
Zondag 15/09/2019
Zondag 20/10/2019
Zondag 01/12/2019

Borstvoeding blijven geven als je terug gaat werken
Zondag 22/09/2019
Zondag 10/11/2019
Zondag 08/12/2019

Starten met vaste voeding
Zondag 29/09/2019
Zondag 17/11/2019

Langer dan een jaar borstvoeding geven
Zondag 13/10/2019
Zondag 24/11/2019

Kolfconsult

Onderstaande merken en types kolfmateriaal kan je bekijken en uitproberen in de praktijkruimte te Herenthout

Niet gewoon een winkel, maar een kolfconsult bij een lactatiekundige die al je vragen beantwoordt en samen met jou op zoek gaat naar het juiste materiaal.

Geen verkoopspraatjes, maar écht handige tips en professioneel advies, op jouw maat!

Horigen

Freeture 3D*: handkolf

Beature USB*: enkelzijdige elektrische kolf (om te bouwen tot een Freeture 3D handkolf)

Exquiture Mini Kolf*: enkelzijdige elektrische kolf

Lansinoh

Handkolf Natural Wave

Borstkolf Compact: enkelzijdige elektrische kolf

Elektrische Borstkolf 2-in-1: dubbelzijdige elektrische kolf

Thera°Pearl 3-in-1 Borsttherapie: warme en koude kompressen met microgelparels

Bewaarzakjes voor moedermelk

NaturalWave Speen: fles met trage toevoer

Ameda

Finesse*: dubbelzijdige elektrische kolf

CustomFit Borstschilden: borstschilden in 7 maten

Bewaarzakjes voor moedermelk

Ardo

Producten van Ardo worden binnenkort verwacht!

Medela

Personal Fit Flex Borstschilden: borstschilden in 5 maten

Calma Speen

Easy Expression KolfBH: bustier voor handsfree kolven

Pumpin’Pal

Gehoekte Borstschilden: borstschilden in 3 maten

Bibi

Microwave Steam Steriliser: sterilisatiesysteem op basis van stoom

59S

3-Mins Smart Sterilization Box: UVC LED sterilisatiesysteem

Werkwijze

Niet gewoon een winkel, maar professioneel advies op jouw maat!

Als je die hebt, breng dan je eigen flesjes mee. Dan kan je kijken of ze passen op de getoonde kolfapparaten. En kan je je gekolfde melk mee naar huis nemen. Breng zeker ook je eigen kolf mee, zodat we kunnen nakijken of ze ombouwbaar of aanpasbaar is met het aangeboden materiaal op de praktijk.

Een kolfconsult duurt ca 1u en kost je 30 euro. Je krijgt voor dat bedrag een kortingcode die je eenmalig kan gebruiken bij de aankoop van de Horigen*- en Ameda*producten bij Borstvoeding Aardig.

Je kan via de Borstkolf Winkel van collega IBCLC Chella Verhoeven meer merken en types aankopen, maar ik heb niet haar hele gamma in voorraad. Kortingcodes van Borstvoeding Aardig zijn helaas niet geldig voor je aankoop bij de Borstkolf Winkel.

Je krijgt je aankopen direct mee naar huis. Zijn ze niet in voorraad, dan kan je ze online aankopen bij de Borstkolf Winkel. Horigen*- en Ameda*kolven koop je best aan via de praktijk van Borstvoeding Aardig, want dan kan je je kortingcode gebruiken.

Betalen doe je ter plaatse in Herenthout met payconiq of cash. Achteraf betalen is helaas niet mogelijk.

Opmerking:

Het lactatiekundig werkmateriaal dat gebruikt wordt tijdens mijn consulten en huisbezoeken heeft een therapeutisch doel en wordt dus niet te koop aangeboden tijdens een kolfconsult.

Geloven

Half zes ’s avonds. Ik fiets het perron op. “Goeienavond.” zeg ik zachtjes tegen een brede rug, terwijl ik op mijn rem ga staan. De rug bestudeert de treinuren op het gele aankondigingsbord. Als hij zich langzaam omdraait kijk ik in een bekend gezicht. Lichtbruin haar tot op schouderhoogte, een beetje vettig en in de war, bolle wangen, heldere onderzoekende ogen.

“Hallo!” zegt hij met een lichte slis in zijn stem. Vertrouwde klank. En hij kijkt toe terwijl ik van mijn plooifiets stap: “Hoe gaat het ondertussen met jou? En met de geschiedenispassie?”

Sommige mensen vergeet ik nooit. Bijzonder knap zijn of heel intelligent, dat helpt. Maar de mensen die mij écht bij blijven, doen dat om wat ze zeggen, om wie ze zijn. En om wat ze teweegbrengen bij anderen.

Deze man is zo iemand. Zo’n vijftien jaar geleden was hij mijn godsdienst- en filosofieleraar op de hogeschool. Een buitenbeentje, plaatste overal een vraagteken achter. Niet alle studenten hadden hem graag. Hij kon als geen ander de vinger op je zwakke plek leggen. “Blijven nadenken, blijven lezen, blijven kennis vergaren.” zei hij dan. I loved it!
Met zijn filosofische vragen slaagde hij erin om mijn puberaal ronddwalende en zoekende geest weer richting te geven. Ik herontdekte de mensen om me heen. Ging met een andere blik naar het leven kijken. Kreeg weer vat op die drang naar maatschappelijke rechtvaardigheid die door mijn aderen stroomde. En stapte vol overtuiging het godsdienstonderwijs in. Een deeltijdse baan die ik combineerde met een universitaire studie Kunstgeschiedenis en Archeologie.

“Hoe gaat het met de geschiedenispassie?” vraagt ie nogmaals, geïnteresseerd. “Goed!” antwoord ik, “Die is er nog steeds!” Hij wijst met zijn kin in de richting waaruit ik gefietst kwam: “Geef je nog altijd les?” Ik bevestig: “Ja, geschiedenis… Er is alleen een tweede passie bij gekomen: lactatiekunde. Mijn passies zijn dus verruimd.” En ik wacht zijn reactie af. Die komt er niet, is ie te intelligent voor. Dus ik vervolg: “Begeleiding van moeder- en kindkoppels.” Hij denkt na… “Lacta, dat is iets met melk.” Inderdaad.

Hij vraagt hoe ik daar toe gekomen ben. Ik begin te vertellen over de voorbije wendingen in mijn leven. Over keuzes die ik maakte waardoor sommige deuren dicht gingen en andere weer open. Dat ik mijn godsdienstjob opgegeven heb bijvoorbeeld, omdat ik het gevoel had dat de meeste leerlingen het zaadje dat ik probeerde te zaaien amper de kans gaven om te ontkiemen. Dat er van thuis uit ook vaak niet voldoende voeding kwam. Dus dat dat kwetsbare kiempje van geloof bij veel leerlingen alweer verschrompeld was nog voordat ze de retorica bereikt hadden. Hij reageert verbaasd en begrijpend tegelijkertijd.

Ik leg uit dat het stichten van een gezin en het nemen van loopbaanonderbreking een enorme verfrissing en herbronning voor me geweest zijn. Dat ik vanuit die cocon van geborgenheid weer terug met open blik naar het leven kon kijken. Dichter bij de natuur kwam ook, bij de essentie van het leven: “Weet u nog dat u mij tegengekomen bent op de trein, meer dan tien jaar geleden ondertussen, toen ik nog geen kinderen had en studeerde op de universiteit?” vraag ik, “Bij het afscheid nemen waren uw laatste woorden: ‘Blijven nadenken, Katrien.’ U had gelijk. Ik heb daar in de loop der jaren nog twee dingen aan toegevoegd… Een mens moet eigenlijk maar drie dingen in het leven: blijven ademen, blijven voelen en blijven nadenken. Dat is de essentie. Al het andere vloeit daaruit voort. Op die manier doe ik ook aan lactatiekundige begeleiding: back to the basics, back to nature!”

Hij glimlacht en vertelt over zijn gezinnetje, met een pasgeboren baby. Ik zie de liefdevolle schittering in zijn ogen als hij omschrijft hoe zijn vrouw en hij uitkeken naar de komst van de baby. Dat ze daar samen mooi naar toe geleefd hadden. Het verhaal kentert als hij de borstvoeding omschrijft die niet liep zoals verwacht: “Er zijn heel veel mensen geweest die tips gaven en informatie, maar er is eigenlijk nooit iemand geweest die echt tijd voor ons heeft gemaakt.” Er klinkt verdriet door in zijn stem. Zijn vrouw heeft het er moeilijk mee gehad. En hij ook, voel ik: “Ik wou dat we iemand zoals jou gekend hadden zoveel maanden geleden, dat ik wist dat je met lactatiekunde bezig was.”

Zorgverlening, zorg verlenen vraagt tijd. Om tijd te maken voor de gezinnen die ik begeleid, boet ik aan loon in. Daar waar een zelfstandige vroedvrouw zes of meer huisbezoeken op een dag doet, plan ik er maximum twee. “Ik word rijk van mijn job als lactatiekundige.” verkondig ik, “Heel rijk!! Alleen niet in geld uitgedrukt… Had ik mijn job als leerkracht niet gehad dan zou ik financieel niet rondkomen…” En hij vraagt naar ons businessplan, waar ik volop mee bezig ben op dit moment. Er is nog werk aan.

Waar we wonen, wil hij ook weten. In de zuiderkempen, buiten het dorp. En of we een tuin hebben. Tuurlijk hebben we een tuin! “Met…?” vraagt hij. “Een uitgebreide kruidentuin, een moestuin en verschillende fruitbomen en -struiken. We proberen om zo veel mogelijk zelfvoorzienend te leven wat groentes en fruit betreft.” leg ik uit, “Met de hulp van een vrijgevige boer even verderop lukt dat aardig tijdens de zomermaanden en een deel van de winter.” Hij knikt goedkeurend.

Tijdens ons gesprek over moestuin en zelfvoorzienend leven rijden we de donkere tunnel van Antwerpen Centraal binnen. Ik raap mijn spullen bij elkaar. Als ik met mijn plooifiets en zware schoudertas bijna aan de treindeuren sta om uit te stappen, roept hij me nog na:

“Katrien, erin blijven geloven, hè!”

© 2013

Vroedvrouw

“Mammaah, waar gaan we ei’lijk naartoe?” hoor ik mijn peuterdochtertje vragen in het fietsstoeltje voor me.
“We gaan naar een vroedvrouw” antwoord ik. “Dat is een mevrouw die met mama’s en kleine babytjes werkt.”

Ze draait zich half naar me om en kijkt me bedenkelijk aan. “Wat gaan we daar dan doen? … Jij werkt ook met babytjes…”

Juist, het verschil tussen een lactatiekundige en een vroedvrouw…
“We gaan een pakje brengen, met kaartjes. Die mevrouw heeft daar naar gevraagd.” leg ik uit terwijl ik haar straat in fiets: “Ik werk met mama’s en kleine kindjes die mamamelk krijgen. Met babytjes, en peutertjes… of kleuters. En die mevrouw, die werkt met mama’s die een babytje in de buik hebben. Of mama’s die een babytje hebben dat pas geboren is.”

“Krijgen die babytjes mamamelk?” vraagt ze nieuwsgierig.
“Nee, niet allemaal. De meeste wel. Die mevrouw werkt ook met mama’s waarvan het kindje geen mamamelk krijgt.”
“Alle kindjes krijgen mamamelk!!” roept ze verontwaardigd.
Ik zwijg.

“Mammaah… Als ik later een mama ben en een baby in de buik heb…”
Ik bedenk dat de stem die ik enkele dagen geleden aan de telefoon hoorde, nog erg jong klonk. Een snelle berekening zegt me dat mijn dorpsgenote nog wel aan de slag zal zijn als zelfstandige vroedvrouw tegen dat mijn peuterdochtertje volwassen is. Dus ik vul aan: “Dan kan het zijn dat die mevrouw voor jou komt zorgen.”

“En… als die baby dan uit de buik is…”
“Dan ga jij een prachtige borstvoedingsmama worden!” denk ik bij mezelf.
“Dan geef ik die mama tinkeh!” zegt ze overtuigd. “Totdat mijn baby een peuter is!”
Ik glimlach… Had geen ander antwoord verwacht.

“Maar… als ik dan geen…” Ze maakt haar zin niet af. Twee bezorgde donkere oogjes kijken schuin naar me op. Borstvoeding is belangrijk voor haar… “Dan zal die mevrouw je wel helpen.” sus ik “Of ik.”

“Oké… En dan mag die baby, die peuter, bij mij slapen… In mijn bed! … En in de draagdoek!”

© 2013

Omgaan met een baby die veel huilt

Help me!

Troosten

  • Borstvoeding
  • In jouw nabijheid
  • Voorspelbaarheid en prikkelreductie
  • Slow motion
  • Entertainment
  • Aanvaarding
  • Als troosten niet werkt…

Positieve effecten van aanraking

Verwennen

Baby die veel huilt

Als het niet meer gaat…

  • Moedergevoel
  • Adempauze
  • Agressie
  • Veranderingen
  • Afschermen

Omgeving en support

Inspiratiebronnen en bronvermelding


Help me!

Als een mens huilt, is ie van streek. Het is een manier om te vertellen dat er wat scheelt.

Bij een babytje kan dat vanalles zijn… Honger of dorst, een vuile luier, koude of net te warm, eenzaamheid, verveling of net te veel prikkels, ergens van geschrokken zijn, het buikje dat van streek is, pijn of een ander ongemak. Als een kindje huilt, wil het eigenlijk maar één ding zeggen: “Help me!”

Troosten

Borstvoeding

Geef je borstvoeding, dan is je kindje allicht snel getroost met een slokje mamamelk. Bij honger kan je je volste borst aanbieden. Heb je de indruk dat je kindje niet echt honger of dorst heeft. Maar heeft ie wel zuigbehoefte? Geef dan je leegste borst. De borst dus waaraan je kindje het laatst gedronken heeft. Zo kan je babytje troost zoeken bij jou, maar krijgt ie geen hele sloten melk meer te slikken.

Kijk zeker na hoe je kindje aan de borst ligt. Let op de drie basisprincipes bij borstvoeding:

  • buikje dicht tegen jouw lijf aan,
  • tepel ter hoogte van de neus voor het aanhappen en
  • een grote asymmetrische hap.

Lijkt het alsof je babytje jou afwijst tijdens de borstvoeding? Zet ie zich schrap en duwt hij zich van je weg? Raadpleeg dan een lactatiekundige. Zij kan je helpen om de oorzaak van dit gedrag te achterhalen. En de borstvoeding weer lekker te laten lopen.


Mijn baby huilde heel veel, maar was wel snel getroost als we haar oppakten. Wij hadden dus geen huilbaby, maar een pakkebaby.”

In jouw nabijheid

De meeste babytjes worden rustig als je hen oppakt. Rechtop, leunend tegen jouw schouder of borst aan, vinden veel kindjes een fijne houding. Rustig heen en weer wandelen, zachtjes zingen of over het rugje wrijven kan daarbij extra geruststellend zijn.

Houd je kindje zo veel mogelijk dicht bij jou. Heb je graag je handen vrij, dan kan een draagdoek praktisch zijn. Jouw nabijheid, je geruststellende hartslag en ademhaling, je geur en zachte bewegingen maken je kindje rustig. En ook op reflux en krampjes heeft het een positief effect. Is je liefje moe? Dan kan het heerlijk gerust bij jou in slaap soezen. Zonder dat jij heen en weer hoeft te lopen naar zijn box of wiegje. Daarnaast is een draagdoek ook gewoon een handig ding om geen enkel hongersignaal over het hoofd te zien.

Ook ’s nachts kan je je kindje bij je laten slapen. In een cosleeper bijvoorbeeld. Je kindje is dan binnen handbereik. En kan getroost worden vooraleer de sirene op stand 10 gaat. Wat ook rust kan brengen voor de overige gezinsleden. Bovendien hoef je voor dat troosten niet eens je bed uit. Wat de nachten ook voor jou minder zwaar maakt. Geef je borstvoeding, dan is zelfs je voeding kant-en-klaar. Lekker makkelijk! Ben je ongerust over je liefje? Dan doe je gewoon een oog half open. En je bent binnen de seconde gerustgesteld dat alles nog goed gaat met je schattebol.

Tot slot kan massage kan voor sommige huilertjes een wondermiddel zijn. Het huidcontact, de aandacht en het rustgevende van de massagebewegingen kunnen van je kleintje een heel andere baby maken. Babymassage is een cursus die in veel gemeentes gegeven wordt. Ga eens na waar je bij jou in de buurt zo’n cursus kan volgen. Zowel je babytje als jijzelf zullen er deugd aan beleven!

Voorspelbaarheid en prikkelreductie

Sommige kindjes zijn gebaat bij regelmaat en voorspelbaarheid. Dat betekent niet dat je borstvoeding moet gaan geven op schema. Integendeel zelfs! Borstvoeding geef je zo veel mogelijk op verzoek! Maar al de rest daar omheen kan je wel voorspelbaarder maken. Enkele tips:

Zo veel mogelijk voeden op dezelfde plaats of op dezelfde manier bijvoorbeeld. Sommige moeders hebben (onbewust) een heel ‘voedingsritueel’. Met steeds terugkerende handelingen, woorden of spulletjes.

Ze hebben een vaste voedplek in huis, die enkel daarvoor gebruikt wordt. Ze neurieën telkens een bepaald melodietje. Of zijn gewend om eerst een aantal dingen klaar te leggen, zoals zoogcompressen, een tijdschrift of een drankje, vooraleer te starten met voeden. Babytjes zijn al geruster als dat ritueeltje start. Ze weten dan wat er komt.

Je kan dingen in dezelfde volgorde gaan doen. Elke voeding starten met een luierwisseling bijvoorbeeld. Of na elke borstvoeding rondwandelen met je kleintje. En een slaapliedje zingen.

Ook vaste tijdstippen voor steeds terugkerende dingen kunnen rust brengen. Denk bijvoorbeeld aan een wandeling enkel op de middag. Het badje telkens ’s avonds. Of supermarktbezoeken altijd in de ochtend. Die terugkerende “rituelen” zijn voorspelbaar. En kunnen je kleintje rustiger maken.

Prikkelreductie is ook zo’n toverwoord. Het betekent dat je je kindje niet te veel prikkels tegelijkertijd laat verwerken. Bijvoorbeeld slechts één uitstapje per dag plannen. Elke activiteit buitenshuis geldt dan als uitstapje. Dus ook die koffie bij de buren of het wekelijkse supermarktbezoek.

Tijdens ‘verplicht’ drukke momenten, zoals een familiebezoek of de babyborrel, kan je je kindje in de draagdoek houden. Zo blijft ie wat afgeschermd van alle commotie. Een draagdoek dempt immers de binnenkomende prikkels. Bovendien is het voor je kindje geruststellend om in alle drukte dicht bij jou te zijn. En misschien vind jij het ook wel prettig om je liefje op zulke momenten dicht bij jou te hebben.

Slow motion

Even in slow motion leven kan ook rust brengen. Zowel voor jou als voor je kindje. Laat dat stof op de kasten even voor wat het is. Dweilen hoeft niet elke dag. En eenvoudige eenpansgerechten zijn even lekker als een driesterrenmenu. Heb je geen zin in kraamvisite? Bel die dan af! Ben je te moe om te strijken? Strijk dan niet. Die ene plooi in je shirt ziet toch geen mens…

Ga regelmatig gewoon op de bank hangen. Met je babytje dichtbij. Vraag je partner er even bij en kruip dicht tegen hem aan. Probeer samen te genieten van dat kleine wondertje dat jullie op de wereld zetten. En laat de boel verder de boel. Leg de telefoon van de haak en sluit de rolluiken of gordijnen. Gewoon even “us-time” en lekker coccoonen.

Slow motion kan je ook toepassen bij je babytje. Als je kindje erg huilt, kan je kijken hoe hij reageert als je steeds hetzelfde rustgevende liedje zingt of neuriet. En als je al je bewegingen gaat vertragen.

Van snelle of hoekige handelingen wordt je liefje misschien onrustig. Probeer daarom eens een draagdoek uit. Jouw dagdagelijkse bewegingen bieden precies het juiste ritme en de kadans die je liefje gewend is van in de buik. Veel babytjes worden rustig van dat zachte en afgeronde gehots.

Heb je het gevoel dat je kleintje juist onrustig wordt in een doek? Raadpleeg dan een draagconsulente. Zij kan je tips op maat geven om het dragen aangenamer te maken.

Entertainment

Sommige kindjes huilen dan weer net uit verveling. Wat “entertainment” in hun leven kan dan helpen. Kleine baby’s kijken graag naar bewegende dingen. Duur speelgoed is daarbij zelfs niet nodig… Wapperende was aan de waslijn kan heel interessant zijn voor zo’n uk. Dat geldt ook voor een vogelvoederplaatsje aan het keukenraam. Voorbijgaand verkeer aan het raam van de straatzijde. Een aquarium met kleurrijke vissen. Of iemand die aan het stofzuigen is, de vaatwasser uitlaadt of een ander huishoudelijk klusje klaart. Daar waar sommige kindjes horendul worden van veel drukte of lawaai, vinden anderen dat net uiterst interessant.

En zelfs kleine baby’s zijn perfect in staat om te vertellen als het hen te veel wordt. Ze doen dat door simpelweg weg te kijken of te gaan fronsen. Dan is het tijd voor wat anders. Iets rustigers, een borstje of een dutje bijvoorbeeld.

Heb je een nieuwsgierig aagje in huis? Doe dan uitstapjes waar jij je prettig bij voelt. Pak je kleintje dan zeker mee. Gaan winkelen, een boswandeling maken of koffie drinken met vriendinnen. Zit je liefje in een draagdoek? Dan kan ie zijn oogjes sluiten en een dutje doen wanneer ie maar wil. En ook de borst is vlakbij. Lekker makkelijk!

Veilig en geborgen, dicht bij mama, zijn de meeste babytjes en peuters best bereid om mee mama’s wereld te verkennen!

Aanvaarding

Het klinkt misschien een beetje gek, maar probeer het huilgedrag van je kindje ook te aanvaarden. Veel huilen is immers een fase die ooit overgaat! Soms helpt het als je je neerlegt bij de situatie. En niet krampachtig probeert om je kindjes gedrag te veranderen. Jonge kinderen ‘moeten’ zoveel: dag en nacht-ritme aanleren, zelf inslapen, eten op vaste tijden, niet knoeien aan tafel, leren kruipen en lopen, praten, potjestraining, zich gedragen tijdens uitstapjes, …

Soms is een babytje gewoon nog niet toe aan iets nieuws. Ook al zegt de maatschappij dat je liefje iets ‘moet’, blijf vooral naar je kind zelf kijken! En probeer zijn tempo te volgen in plaats van hem iets op te leggen. De baby- en peutertijd is geen wedstrijd. En onze kinderen zijn niet allemaal wonderkids. Maar uniek zijn ze wel. Allemaal!

Als troosten niet werkt…

Helpen bovenstaande tips niet? Raadpleeg dan een lactatiekundige en/of een kinderarts. Om samen naar oorzaken van het huilgedrag te zoeken. En lichamelijke oorzaken uit te sluiten. Met hulp zoeken is niets mis!

De positieve effecten van aanraking

Aanraking maakt een kindje rustig. Vergelijk het met een troostende arm om je schouder als jij verdrietig bent. Je voelt je veilig en geborgen. Er is iemand bij je, die je steunt en motiveert.


Mijn dochter vertelde bij de aanvang/introductie van haar opleiding tot pedagoog: “Hallo, ik ben D. Als mijn moeder mij niet zoveel had gedragen was ik een huilbaby geweest.”
 

De mens is en blijft een sociaal wezen. Van eenzaamheid worden we ongelukkig. Dat is met kleine kindjes niet anders…

Alle basisbehoeftes zijn voldaan als een baby of peuter in mama’s armen ligt:

Voeding is vlakbij. Ligt een babytje bij mama, dan kan ie zelf zonder veel moeite tot bij mama’s borst geraken. Is er veel bloot vel tussen beide, dan gaat dat zelfs nog sneller. Maar ook als je een shirt draagt, weten kindjes vaak je tepel te vinden. En happen door je kleding op de juiste plek aan. Een duidelijker hongersignaal is er niet! ;-)

De warmte van jouw lichaam zorgt ervoor dat je kindje op temperatuur blijft. Jouw borsten passen zich zelfs aan aan de lichaamstemperatuur van je liefje! Heeft ie het te warm, dan koelen ze hem af. Heeft je kindje het te koud, dan warmen je borsten hem op bij rechtstreeks huid-op-huidcontact.

Aanraking vermindert ook stress. Zowel bij jou als bij je kindje. Jullie maken beiden een hormoon aan dat een ontspannen gevoel geeft. Aanraking maakt een mens gelukkiger. Dat geldt voor volwassenen, maar zeker ook voor kinderen!

Jouw geur, je ademhaling, hartslag en het geborgen gevoel van armen om zich heen stellen je kindje gerust. In iemands armen liggen betekent troost en veiligheid voor je liefje!

Aanraking stimuleert ook de hersenontwikkeling bij jonge kinderen. Je liefje heeft knuffels en liefkozingen nodig om goed te kunnen groeien! Babytjes worden immers geboren met onvolgroeide hersenen. Door de dichte nabijheid bij een ouderfiguur krijgen zijn hersenen optimaal de kans om zich verder te ontplooien. Kinderen weinig dragen en liefkozen, belemmert dus hun emotionele en zelfs cognitieve ontwikkeling.

Kinderen die zich geborgen voelen, hebben meer zelfvertrouwen. Ze weten dat er altijd een ‘veilige haven’ binnen handbereik is. Vanuit die wetenschap durven ze de wereld te gaan ontdekken. Loopt het mis, dan is er altijd troost en bescherming te vinden in mama’s of papa’s armen. Dat geeft hen een veilige basis, waardoor ze geruster op verkenning gaan.

Verwennen

Je kunt jonge kindjes niet verwennen door hen veel te knuffelen! Mensen zijn zoogdieren, die leven van aanraking en nabijheid. Gebrek aan aanraking en liefkozing maakt een mens ongelukkig…

Het is voor je kleintje daarom heel onnatuurlijk om ergens alleen te liggen, zonder mensen om zich heen. Laat je je kindje in zijn eigen bedje en kamertje slapen, dan is de kans groot dat ie gaat huilen. Dat komt omdat er dan een lichamelijk alarmmechanisme in gang wordt gezet. Alleen liggen betekent immers gevaar! Zo’n klein patatje beseft immers niet dat wij nu in veilige huizen wonen. En dat mama en papa vanop afstand hun liefje via de babyfoon in de gaten houden. Heeft een babytje het gevoel dat er niemand in de buurt is, dan roept ie om hulp. Letterlijk. Omdat ie instinctief het gevoel heeft dat er wel eens roofdieren op de loer kunnen liggen… Pas als er iemand komt die hem oppakt en troost, voelt ie zich weer veilig. Want dan weet ie dat die persoon hem zal verdedigen tegen welk gevaar dan ook. Als babytjes huilen, vragen ze dus vooral om troost, bescherming en veiligheid. In iemands armen. En liefst in die van hun mama. Want dan is er ook nog eens lekkere melk binnen ‘handbereik’! :-)

Aanraking, lichaamscontact en gelaatsuitdrukkingen zijn voor babytjes een natuurlijk communicatiemiddel. Door om te gaan met anderen leren ze om zich adequaat te uiten. En om uitingen van anderen te interpreteren. Babytjes kijken, voelen, luisteren en bootsen na. Zo ontwikkelt taal zich! Niet alleen de verbale, maar ook de non-verbale taal. Laat je je kindje vaak alleen, dan kan het zijn dat je daarmee zelfs onbewust zijn communicatieve ontwikkeling vertraagt.

Baby die veel huilt

Een baby die veel huilt wordt vaak een huilbaby genoemd. Van overmatig huilen wordt gesproken als je baby

  • drie uur of meer per dag huilt,
  • al minstens drie dagen na elkaar en
  • dat al drie weken lang.

En je kindje is daarbij schijnbaar niet te troosten.

Huilt je borstgevoede kindje erg veel? Zoek dan hulp bij een kinderarts én een lactatiekundige!

Als het niet meer gaat…

Iedereen lijkt te weten wat er met je kindje aan de hand is. Behalve jijzelf. Je wordt overspoeld door (vaak ongevraagde) tips en ervaringen. Veel van die goedbedoelde adviezen heb je al lang uitgeprobeerd… En niets lijkt echt voor langere tijd te werken. Het enige dat je eigenlijk wil is… rust! En een beetje begrip, zonder oordeel of advies.

Moedergevoel

Je krijgt veel tegenstrijdige adviezen. Je ‘moet’ als moeder schijnbaar vanalles… Wel, eigenlijk moet je maar één ding… En dat is naar je kindje kijken en naar jezelf luisteren! Als de hele wereld je vertelt dat je je kindje in zijn wiegje moet laten liggen en jij het gevoel hebt dat je het bij je wil houden, pak je kindje dan bij je. Als iedereen je zegt dat huilen geen kwaad kan, maar jij het gevoel hebt dat je kindje getroost wil worden, troost het dan. Als je voor de honderdste keer de vraag krijgt of het nu alweer etenstijd is, maar jij de indruk hebt dat je kindje een slokje mamamelk wil, leg hem dan gewoon aan. Als je van overal hoort dat kinderen in hun eigen kamertje moeten leren slapen, maar jij enkel gerust bent als je kindje naast jou slaapt, laat die wieg of cosleeper dan maar gewoon naast jouw bed staan.

Er zijn duizenden boeken geschreven over de voeding en opvoeding van kinderen… Onnoemelijk veel specialisten hebben zich in de materie verdiept. Maar weet dat de echte expert van jouw gezin… jijzelf bent! Regels en adviezen over voeding en opvoeding zijn richtlijnen, geen dwangbuizen…

Adempauze

Het is normaal dat je af en toe even tijd wil voor jezelf. Zonder je kindje erbij. Elke moeder snakt wel eens naar een adempauze. Al is het maar een uurtje…

Laat iemand anders even op je liefje passen. En doe iets wat jij zelf leuk vindt. Iets waar je echt van geniet! Ga eens uitgebreid in bad, lees een boek, schilder, speel muziek, maak een puzzel, ga winkelen, sporten, lekker eten, whatever. Iets waar jij weer even centraal staat en niet je kindje.

Agressie

Heb je het gevoel dat je je kindje soms wat aan kan doen? Negeer dat alarmsignaal dan niet. Het kan helpen om over je woede en frustratie te praten met een vertrouwenspersoon. Erover vertellen kan ervoor zorgen dat je je negatieve gevoelens beter kan plaatsen. En een uitweg ziet uit die vicieuze cirkel van stress en spanningen.

Je woede uitwerken op je kindje is natuurlijk not done. Maar je kan je liefje wel even in de armen van iemand anders duwen. En je frustratie afreageren op een andere manier: spitten in de moestuin, de struiken snoeien, brood kneden, dweilen, stofzuigen, gaan hardlopen, enzovoort.

Weet dat zelfs de meest liefhebbende ouder zijn kind wel eens achter het behang wil plakken… Gevoelens van woede, onmacht, frustratie of onzekerheid zijn normaal. Het is enkel kwestie van ermee leren omgaan.

Veranderingen

Moeder worden brengt een grote verandering met zich mee. Misschien zijn er, samen met de komst van de baby, nog andere zaken veranderd? Jullie zijn misschien net verhuisd of nog volop bezig met de bouw van jullie droomhuis. Je bent tijdelijk gestopt met werken buitenshuis of op zoek naar een andere baan. Je tevoren zo makkelijke oudste zit net nu in de peuterpuberteit… Enzovoort.

De komst van een babytje is zelden de enige verandering in het leven van jonge ouders. Je hebt zoveel aan je hoofd dat er bijna geen tijd meer overblijft voor andere zaken dan de baby. Laat staan voor jezelf… Dat alles maakt dat er momenten kunnen zijn dat je je gespannen, gefrustreerd of onzeker gaat voelen. Misschien heb je wel het gevoel dat je je greep op de dingen een beetje kwijt bent?

Het prille ouderschap is enorm vermoeiend. Zeker als je kindje veel huilt!


Als ouders van een baby die veel huilde hebben wij hier aan den lijve kunnen ondervinden dat een kind dat veel huilt enorm belastend is voor zowel het kind zelf, als de ouders en de rest van het gezin… De impact van maandenlang durend extreem huilgedrag op het welbevinden van alle gezinsleden, en dus niet alleen op de baby in kwestie, is moeilijk uit te leggen aan mensen die er geen ervaring mee hebben. Oververmoeidheid en het gevoel van machteloosheid breken na een tijdje echt op. Je voelt je verdrietig en hulpeloos. Er is iets mis met je kind. En je weet niet wat het is. Of hoe je het kan helpen. En na een tijdje merk je dat alle gezinsleden stilletjes mee lijden onder de hele situatie. Geef je borstvoeding, dan is het onbegrip in de omgeving heel groot, want “Met flesvoeding en vroegtijdig bijvoeden is het zo opgelost.” Iets wat uiteraard NIET zo is, dat wisten wij ook wel… Maar met dergelijke uitspraken wordt er impliciet wel gezegd dat je eigenlijk niet goed bezig bent als ouder, dat je zelf oorzaak bent van het probleem.  
 

Afschermen

Voortdurend dat schelle gekrijs in je oren, kan je horendul maken. Zelfs als de baby niet huilt, blijft dat schreeuwen misschien in je hoofd klinken… Als een nagalm die maar niet weg lijkt te gaan. Op de ergste huilmomenten kan het helpen om jezelf even “af te sluiten” van het gehuil.

Als je met je kindje bezig bent, kan je bijvoorbeeld met een hoofdtelefoon met muziek op je hoofd het huilen van je kindje een beetje dempen. Wellicht word je daar zelf ook rustiger van. En misschien neemt je babytje die ontspanning dan op de duur over.

Ademhalings-, ontspannings- of meditatie-oefeningen kunnen je ook rustiger maken.


Mijn jongste was soms met niets, maar dan ook met niets, te troosten… Erg frustrerend! Het enige wat dan hielp was papa met de oudste kinderen beneden achterlaten en ik die met de baby boven op de kamer in de hangmat ging liggen. Alleen en in het donker, met een gillende stijve plank op mijn blote borst… Dan probeerde ik om, via meditatie, mijn oren af te sluiten van het gekrijs en zoveel mogelijk zelf te ontspannen. Soms duurde het wel een half uur vooraleer die stijve plank op mijn blote borst ook wat ontspande en nog nasnikkend en snuffelend op zoek ging naar de borst. Als die kleine pruts dan uiteindelijk een tepel te pakken had en vol overgave begon te drinken, was de ontlading bij mij vaak groot. Hoe meer melk mijn baby bij elke nieuwe slok binnenkreeg, hoe rijkelijker de opluchtende tranenvloed bij mij stroomde. 
 

Omgeving en support

Heb je een gezin in je naaste omgeving met een baby die veel huilt? Dan is het belangrijkste vooral om begrip te hebben voor de situatie. Ouders van een overmatig huilende baby hebben vaak geen behoefte aan ongevraagde tips of adviezen. Waarschijnlijk hebben ze al vanalles geprobeerd. En is er schijnbaar niets dat lijkt te werken…

Bied een luisterend oor aan, zonder te gaan oordelen. Heeft je vriendin of kennisje nood aan tips of adviezen, wacht dan tot ze daar zelf om vraagt.

Misschien heb je het gevoel dat jij echt dé gouden tip kent om hun situatie te verbeteren? Dat kan! Vertel dan één keertje wat je weet. En laat het verder los. Ouders kiezen zelf of ze met het aangebodene wat doen of niet. En anderen hebben niet noodzakelijk dezelfde opvoedingsvisie als jij…

Wat allicht meer dan welkom is, is wat praktische hulp. Dingen die wat rust brengen in de tent. Of werk uit handen nemen van de vermoeide ouders:

  • eens koken voor het gezin,
  • de oudere broertjes of zusjes mee nemen op een uitstapje,
  • even babysitten,
  • wat huishoudelijke klusjes klaren of
  • vragen met welke praktisch dingetjes je kan helpen.

Probeer de mama ook uit haar isolement te halen. Wat menselijk contact kan wonderen doen. Zoek bijvoorbeeld samen met haar een moedergroep in de buurt. Of nodig haar uit voor een wandeling of uitje. De buitenlucht kan goed doen. Zowel voor de baby als voor de mama. En gesprekken komen sneller los tijdens een ontspannen uitstapje. Bovendien slapen babytjes makkelijker in de buitenlucht. En als de kleine uk geen zin heeft in slapen, dan kan jij hem misschien even kort overnemen van de mama.


Het enige dat écht geholpen heeft, is de buurvrouw die onbevooroordeeld vaststelde: “Ze huilt veel, hè?” En me aansprak: “Meisje, als het niet meer gaat, weet dat je haar altijd mag brengen, op elk moment van de dag of de nacht.” Weten dat er een back-up voorhanden is, moest het nodig zijn, zonder oordeel, tips of adviezen… Die geruststelling heeft ons er doorheen gesleept en ons de kracht gegeven om door te gaan.  
 

Inspiratie en bronnenmateriaal

Inspiratiebronnen

  • De moeder-en-kind-koppels waar ik dagelijks mee in contact kom
  • Nils Bergman
  • Sheila Kitzinger

Met dank aan Marianne Vanderveen-Kolkena (IBCLC) en Gonneke Van Veldhuizen-Staas voor het nalezen van dit artikel!

Gebruikte bronnen

St James-Roberts, I. et al 2006 “Infant crying and sleeping in London, Copenhagen and when parents adopt a ‘proximal’ form of care” in Pediatrics 117 (6) pp. 1146-1155

Zeifman D.M. 2001 “An ethological analysis of human infant crying: answering Tinbergen’s four questions” in Dev Psychobiol 39 pp. 265-285

https://borstvoeding.aardig.be/bronvermelding/handboeken/
https://borstvoeding.aardig.be/bronvermelding/websites/

Post scriptum
Omwille van privacy-redenen staan er geen namen bij de getuigenissen. De identiteit van de schrijfsters is echter wel bekend bij de redactie.

© 2013

Kort ziekenhuisverblijf en anesthesieadviezen bij het borstgevoede kind

Ik krijg af en toe de vraag hoe het nu eigenlijk zit met anesthesie en vastenperiode bij een baby of peuter die borstvoeding krijgt. Hieronder een overzicht van de algemene richtlijnen indien een kindje borstvoeding krijgt en kortstondig opgenomen wordt op de pediatrie-afdeling van een ziekenhuis.

Verblijf in het ziekenhuis
BabyFriendly Hospital Initiative
Handvest van de rechten van de gehospitaliseerde kinderen
Preoperatieve vastenperiode
Borstvoeding na de operatie
Melkproductie van de moeder
Bronnenmateriaal


Verblijf in het ziekenhuis

In het ziekenhuis dient men een omgeving te creëren die zoveel mogelijk aansluit op de huiselijke situatie. Je kindje wordt als een normaal kind behandeld en jullie als ouders mogen, indien medisch verantwoord, de gewone comfortzorg van thuis verder zetten. Dit zorgt ervoor dat jij en je kindje beter op elkaar reageren en minder angstig zijn. (Melnyk et al 2004)

Voor je kindje zouden tijdens de ziekenhuisopname de voedingen en het voedingspatroon zoveel mogelijk moeten aansluiten bij het patroon van de normale thuissituatie. (Riordan & Wambach 2010/4)

Als je kindje opgenomen wordt in een babyvriendelijke pediatrie-eenheid van het ziekenhuis, zal men normaalgezien met bovenstaande rekening houden. Het Babyfriendly Hospital Initiative van de World Health Organisation en Unicef is een kwaliteitslabel dat toegekend wordt aan ziekenhuizen die inspanningen leveren om de afdeling baby- en borstvoedingsvriendelijk te maken. Karakteristieken van een babyvriendelijke kinderafdeling zijn: (Riordan & Wambach 2010/4)

  1. Het ziekenhuis heeft een borstvoedingsbeleid op papier staan.
  2. Het ziekenhuis traint zijn personeel op borstvoedingsbegeleiding en – interventie. Alle medewerkers dienen hiervoor scholingen te volgen.
  3. Het ziekenhuis verschaft ouders geschreven en mondelinge informatie over de goede eigenschappen van borstvoeding.
  4. Het ziekenhuis geeft de mogelijkheid op ongelimiteerd voeden en stimuleert dus voeden op verzoek.
  5. Het ziekenhuis zorgt voor voorzieningen zodat een moeder kan kolven als de baby niet rechtstreeks aan de borst drinkt: borstkolf, kolfruimte, opslagplaats voor melk, lactatiekundige begeleiding indien gewenst.
  6. Het ziekenhuis geeft borstgevoede kinderen enkel leeftijdsgerelateerde of medisch noodzakelijke bijvoeding.
  7. Het ziekenhuis past alternatieve voedingsmethodes toe die het borstvoedingsbeleid niet in de weg staan, dus geen speentjes of flesjes.
  8. Het ziekenhuis geeft de mogelijkheid op 24u/24u rooming in voor moeder en kind. Moeder en kind worden niet gescheiden, ook niet voor onderzoeken of verpleegkundige of medische handelingen.
  9. Het ziekenhuis zorgt voor maaltijden en tussendoortjes voor de borstvoedende moeder.
  10. Het ziekenhuis zorgt voor een medicatie- en behandelingsschema dat de borstvoeding zo weinig mogelijk in de weg staat.
  11. Het ziekenhuis verschaft informatie over de mogelijkheden van borstvoedingsondersteuning en –begeleiding binnen en buiten het ziekenhuis, zowel tijdens de opname als na ontslag.
  12. Het ziekenhuis controleert dat het geschreven borstvoedingsbeleid effectief en efficiënt in de praktijk uitgevoerd wordt door alle ziekenhuismedewerkers en op alle afdelingen.

Ook het Handvest van de rechten van de gehospitaliseerde kinderen van de European Association for Children in Hospital en Unicef is zo’n kwaliteitslabel. Dit legt echter andere accenten in vergelijking met het Babyfriendly Hospital Initiative:

  1. Kinderen worden niet in een ziekenhuis opgenomen als de zorg die zij nodig hebben thuis, in dagbehandeling of poliklinisch kan worden verleend.
  2. Kinderen hebben het recht hun ouders of verzorgers altijd bij zich te hebben. Ook tijdens onderzoeken, bij verpleegkundige en medische handelingen, bij de voorbereiding en installatie in de operatiekamer en bij het ontwaken uit de verdoving.
  3. Ouders wordt accommodatie en de mogelijkheid tot overnachting naast het kind aangeboden.
  4. Kinderen en ouders hebben recht op informatie. De informatie wordt aangepast aan de leeftijd en het bevattingsvermogen van het kind.
  5. Kinderen en ouders hebben recht op alle informatie die noodzakelijk is voor het geven van toestemming voor onderzoeken, ingrepen en behandelingen.
  6. Kinderen worden in het ziekenhuis gehuisvest en verzorgd samen met kinderen in dezelfde leeftijd- en/of ontwikkelingsfase.
  7. Kinderen hebben recht op mogelijkheden om te spelen, zich te vermaken en onderwijs te genieten al naargelang hun leeftijd en lichamelijke conditie. Kinderen hebben recht op een verblijf in een stimulerende veilige omgeving waar voldoende toezicht is en die berekend is op kinderen van alle leeftijdscategorieën.
  8. Kinderen worden behandeld en verzorgd door medisch, verpleegkundig en ander personeel dat speciaal is opgeleid voor de zorg voor kinderen. Het beschikt over de kennis en de ervaring die nodig zijn om ook aan de emotionele eisen van het kind en het gezin tegemoet te komen.
  9. Kinderen hebben recht op verzorging en behandeling door zoveel mogelijk dezelfde personen, die onderling optimaal samenwerken.
  10. Kinderen hebben het recht met tact en begrip te worden benaderd en behandeld. Hun privacy wordt te allen tijde gerespecteerd.

Vraag dus bij een geplande opname van je kindje of het betreffende ziekenhuis één of beide labels behaald heeft. Op die manier verzeker je je kindje van de meest optimale begeleiding en verzorging.

Preoperatieve vastenperiode

Vooraleer je kindje onder narcose gaat, zal het een tijdje geen voeding mogen krijgen. Dit is om ademhalingsrisico’s ten gevolge van de anesthesie te  vermijden. Deze preoperatieve vastenperiode moet echter zo kort mogelijk gehouden worden.

Voor het bepalen van de duur van de vastenperiode dient men enerzijds rekening te houden met het reduceren van ademhalingsrisico’s ten gevolge van de anesthesie,  maar tegelijkertijd moet men ook het risico op uitdroging en hypoglycemie ten gevolge van het onthouden van voeding vermijden. (Riordan & Wambach 2010/4)

Voor zuigelingen heeft de American Society of Anesthesiologists daarom volgende richtlijnen opgesteld:

  • Heldere vloeistoffen tot 2 uur voor de narcose.
  • Moedermelk tot 4 uur voor de narcose. (Lawrence 2005, Cook-Sather & Litman 2006, Riordan & Wambach 2010/4)
  • Kunstvoeding en lichte maaltijd tot 6 uur voor de narcose.
  • Zware maaltijd tot 8 uur voor de narcose.

Sommige onderzoekers verkorten de preoperatieve borstvoedingsperiode zelfs nog meer en poneren dat  moedermelk tot 3 uur voor narcose de kindvriendelijkste handelswijze is. (Litman et al 1994, Schreiner 1994)

Scheiding van ouders en kindje dient altijd zo kort mogelijk gehouden worden, om stress bij beide te beperken. Je kan je borstgevoede babytje tijdens de preoperatieve vastenperiode troosten met een fopspeentje.  Je kan ook overwegen om je kindje te laten troosten door een andere vertrouwenspersoon van de familie, als je kindje jou te veel associeert met borstvoeding en je kindje niet meer bij je mag drinken. (Riordan & Wambach 2010/4)

Borstvoeding na de operatie

Postoperatief moet de borstvoeding zo snel mogelijk weer opgestart worden, van zodra de arts aangeeft dat orale voeding weer toegelaten is.  Er is geen enkele reden om moedermelk te gaan vervangen door glucosewater of om als eerste voeding glucosewater te geven. (Riordan & Wambach 2010/4) Dat betekent dat zuigelingen vaak al op de uitslaapkamer borstvoeding kunnen genieten. Met kunstvoeding en vaste voeding zal men echter langer moeten wachten.

Borstvoeding dient ook overwogen te worden als pijnreducerend middel na operaties. (Riordan & Wambach 2010/4) Het geven van borstvoeding kan troostend werken voor zowel je kindje als voor jou. Het geruststellende zuigen aan de borst kan de werking van pijnstillende medicatie ondersteunen. Onderzoek heeft immers uitgewezen dat borstvoeding tijdens en na een pijnervaring zorgt voor een verlaging van de hartslag, voor een kortere periode van huilen en voor lagere pijnscores in vergelijking met kinderen die geen borstvoeding kregen onder dezelfde omstandigheden. (Shah et al 2006)

Melkproductie van de moeder

Indien je kindje tijdelijk niet bij jou aan de borst kan drinken, zal je je melk dienen af te kolven. Idealiter minstens even vaak als dat je kindje bij jou zou drinken. Die afgekolfde melk kan aan het kindje gegeven worden wanneer de arts daar de toestemming voor geeft, maar kan ook bewaard worden voor later.


Bronnenmateriaal

Cook-Sather, S.D. and R.S. Litman (2006) “Modern fasting guidelines in children” in Best Prac Res Clin Anaesthesiol 20/3:471-481

Lawrence, R. (2005) “Lactation support when the infant will require general anesthesia: assisting the breastfeeding dyad in remaining content through the preoperative fasting period” in J Hum Lact 21/3:355-357

Litman, R. et al. (1994) “Gastric volume and pH in infants fed clear liquids and breast milk prior to surgery” in Anesth Analg 79:482-485

Melnyk, B. et al. (2004) “Creating opportunities for parent empowerment: program effects on the mental health and coping outcomes of critically ill young children and their mothers” in Pediatrics 113/6:597-607

Riordan, J. and K. Wambach (2010/4) “Breastfeeding and human lactation

Schreiner, M. (1994) “Preoperative and postoperative fasting in children” in Ped Clinics N Amer 4/1:111-120

Shah, P.S. et al. (2006) “Breastfeeding or breast milk for procedural pain in neonatesCochrane Database Syst Rev 3:CD004950

Richtlijnen van de American Society of Anesthesiologists (1999) inzake preoperatief vasten bij zuigelingen

http://www.uzleuven.be/sites/default/files/kindergeneeskunde/kindvriendelijk_ziekenhuis_brochure.pdf (geraadpleegd op 3 april 2012)

© 2012