Posts Tagged ‘mamahonger’

Liefde

zondag, april 21st, 2013

Avond. Papa* en ik verdelen de taken. Als een geoliede machine doen we elk ons ding. Vanaf het avondmaal tot het slapengaan draait alles om de kinderen. Terwijl de ene bezig is met het badritueel, ruimt de andere de keukentafel af. En legt alvast de kinderkleding klaar voor de volgende dag. Tussendoor worden er tanden gepoetst, neusjes gesnoten, geholpen met aan- of uitkleden, aangespoord tot opruimen of opschieten en boekjes voorgelezen. Routineus.

De jongste van drie-en-een-half steekt al in pijama als ik haar tegenkom in de living. Ze ziet er moe uit. Ik stop en strijk even door haar haartjes. Ze slaat haar armpjes rond mijn been en zegt op zeurderig-vragende toon: “Mammaaah… Ik wil graag…” Haar manier om borstvoeding te vragen, weet ik. Op dat moment kruist papa ons pad. “Slapen!” vult hij op vrij besliste toon aan.

Ons peuterdochtertje is even in de war. Ze staakt haar zin, denkt na en zegt dan een beetje treurig: “water drinken.” Ik kijk haar liefdevol aan, zonder wat te zeggen, en zak door mijn knieën. Sinds enkele weken drinkt ze niet meer dagelijks bij me. Dan krijgt ze een knuffel in plaats van de borst.

Ik zit op mijn hurken en poppemie staat voor me. Ze kijkt me aan. En lijkt te twijfelen. Opeens wordt haar blik dromerig. Ze legt haar armpjes om mijn schouders en vlijt haar gezichtje in mijn hals. Ik pak haar op. En geef zachtjes een kus op haar pas gewassen haartjes. Mijn kleine grote meid.

Stilletjes fluistert ze in mijn oor: “Mama, ik hou van jou…”.

 

*ex-partner ondertussen…

© 2013

Opgetinkt

vrijdag, februari 22nd, 2013

Mijn ruim driejarige peuter heeft een vast avondritueeltje. Vlak voor het slapengaan wil ze borstvoeding. De rest van de dag of nacht vraagt ze niet meer naar de borst. Maar dat slapengaan, dat is haar moment. Een ritueel waaraan ze blijft vasthouden.

Op een avond…

“Mammaah… De borsten zijn op…” zegt mijn dochter teleurgesteld, nadat ze de borst op het einde van de voeding losgelaten heeft.
Ik antwoord: “Ja, schat, dat komt omdat jij groter wordt, hè… Hoe groter jij wordt, hoe minder mamamelk er is.” Ik geef haar liefdevol een kus op haar haartjes en denk bij mezelf: “En over een half jaar is er helemaal niets meer.”

Ze lijkt mijn gedachten te kunnen lezen, want haar blik wordt triest. Ik pak haar wat steviger vast en probeer haar op te beuren: “Maar dan kan je nog wel héél veel knuffels krijgen van mama, hoor.”
Ze kijkt bedenkelijk… “Nee, mama!” en ze legt in kleutertaal het principe van vraag en aanbod uit: “Ik ben nog een beetje kleiner, dan kan ik drinken. Als ik veel drink, is er mamamelk. Ik ben níet groot! Ik drink mamamelk! Er is mamamelk als ik drink!”

Ze denkt even na, twijfelt en zegt mijmerend: “Ik denk… Ik ben al een beetje groter nu. Ik denk… Ik denk dat ik al de mamamelk heb opgetinkt.”

© 2013

Batterij

zaterdag, november 24th, 2012

Na twee lange werkdagen, waarbij ik telkens al om 6u de deur uit was en pas na 19u weer thuiskwam, sta ik aan het begin van een vrije middag. Uitslapen tot 8u en in pijama lekker lang ontbijten, dat is genieten!

Maar niet vanochtend… Terwijl ik  de trap afdaal komt het gezeur me al tegemoet. De jongste heeft duidelijk een woelige nacht achter de rug. Ze ziet er alles behalve uitgeslapen uit. De cornflakes die ze voorgeschoteld krijgt, wordt onthaald op een vies gezicht. Ze eist een boterham… met boter! Haar melk stoot ze om, waarna een huilbui volgt. Nog nasnikkend weigert ze even later haar jas aan te doen. Ze wil haar regenboogjas, niet deze! En die laarsjes die papa haalt, die zijn ook niet goed…

Papa zucht en manoeuvreert de oudsten alvast de auto in. Ondertussen zak ik door mijn knieën en ga naast peuterlief op mijn hurken zitten. Ze strekt haar armpjes uit en legt haar hoofdje in mijn hals. Ik geef haar een knuffel en vraag: “Ben je nog een beetje moe?” Ze snikt: “Jahaah… Mammaah?… Ik wil graag mama tinkeh…”

Ik besef dat ze de voorbije 48u hoop en al een tweetal snelle borstslokjes gekregen is. Dus ik laat haar al staand even bij me drinken.

Als papa terug binnenkomt om de jongste op te halen, kruist een vrolijk huppelend peutermeisje hem bij de deur. Ze roept: “Ik ga naar school!” en kruipt enthousiast de auto in. Papa kijkt haar verbaasd na. Hij geeft me een afscheidskus en zegt zachtjes:

“Kids are rechargeable.”

© 2012

Tut

zaterdag, november 24th, 2012

Vrijdagnamiddag. De school is bijna uit. Ik loop over de schoolparking en piep even binnen in de peutertuin. Mijn twee dochtertjes lopen er school. Eén mama heeft haar kleine spruit al opgehaald en loopt met hem over de speelplaats. Het kleine ventje ziet er moe uit: “Mammaah, waar is mijn tut? … Ik wil mijn tut … Mammaah?”
Mama is duidelijk een beetje gegeneerd: “Je tut ligt in de auto, schat … Ja, je krijgt je tut … In de auto. Straks! … Hou nu op met zeuren, schat.”

Een kwartiertje later. Ik heb de hele kinderschare bij elkaar geplukt. Ze lummelen wat rond mij. Ook moe, zo te zien… We lopen in de tegenovergestelde richting van daarnet de schoolparking over. Plots roept de jongste: “Hé kijk! Dat is kleine S.!” En ze wijst naar haar vriendinnetje, weggedoken onder een regenzeiltje in een peuterbuggy.
Papa duwt lachend het voertuig: “Dag H.” zegt ie vriendelijk. “Ja, ons S. zal je niet meer horen… Die zit rustig op haar tut te shokken…”

Terug thuis. De kinderen drentelen via de achterdeur de keuken binnen. Onze zoon slentert naar de living, pakt een prentenboek en nestelt zich in de zetel. De oudste dochter gaat op zoek naar kleurtjes en papier. En de jongste komt aan mijn rok hangen: “Mammaah… Pakkeh!” Ze houdt het hoofdje een beetje scheef en zakt wat door haar knietjes, om het dramatisch effect te vergroten: “Mammaah… Pakkeh?! … Mammaah, ik wil op de schoot… Mama tinkeh…”
Dus ik zet me aan de keukentafel, pak de kleine meid op schoot en geef haar de borst.

Peuters zijn universeel.

© 2012

Boer

zaterdag, mei 5th, 2012

Eindelijk, daar is ie. De trein op perron 3. Laatste etappe van een meer dan twee uur durende treinrit huiswaarts.
Het is iets na vieren. Het uur waarop je maag begint te grollen. De koekjes en het drankje in je tas al lang verorberd zijn. Dat leuke tijdschrift dat je uren tevoren kocht uitgelezen is. Het uur waarop de vermoeidheid begint door te wegen. En je eigenlijk maar één ding wil. Thuis op de bank ploffen. Je hoofd in je lief zijn nek vlijen. De kinderen een dikke ik-heb-je-gemist-knuffel geven. Of dat allemaal tegelijk.

Nog twintig minuten. En dan thuis. De deuren kreunen open. Ik zet mijn hoge hak op de onderste trede. Trek me omhoog de trein in. En kies een kant. Bij het openschuiven van de coupédeur kijk ik in vier gitzwarte kinderoogjes. Een groot paar lachend en zingend, een kleiner paar triest en zeurderig. Twee jaar-en-nog-wat is de jongste, gok ik. De leeftijd van ons kleinste meisje ongeveer. Donkere velletjes, zwarte kroezelkopjes. Schattig. Mama en papa zitten vlakbij. Papa in t-shirt en jeans. Mama met een hoofddoek en traditionele wikkeljurk. Ik knik vriendelijk goeiedag. “Somalië?”, wil ik vragen. Maar ik durf niet. Ze zien er moe uit, allebei. En hebben hun handen vol met de jongste.
Iets na vieren. Het uur waarop ook kleine peutertjes last krijgen van een namiddagdipje…

Ik wandel verder de coupé in, op zoek naar een plekje. Mijn oog valt op twee vrije stoelen achteraan. Als ik neerplof besef ik waarom op die plek niemand zit. De jongeman voor me heeft oortjes in. Boenkeboenke, iepiieep… Beatmuziek. Zucht. Daar gaat mijn rust. Maar ik ben te lui om een ander plaatsje te zoeken. En blijf zitten.

Plots veert de kerel voor me recht. Colablikje in de hand. Pet op het hoofd. Netjes geschoren kin. Zo’n twintig kilo te zwaar, gok ik. Strakke grijze sportshirt aan. Hij wijst naar het huilende kindje en roept: “Kan die kleine zijn muil niet houden?!” En ploft weer neer. “Man man, wat een lawaai. Ik kan er niet meer tegen.”, bromt hij in zichzelf. En boert. Luid. Zonder pardon. Terwijl de muziek uit zijn oortjes een deel van het decor vormen.

Minuten verstrijken. Het huilen houdt aan. De mensen rond me lijken gespannen. Ze wachten af. Of kruipen wat dieper weg achter hun boek of laptop. Iedereen zwijgt. Het kleine treurige meisje doet me aan mijn dochtertje denken. Ik heb de neiging om op te staan. Het kindje op de arm te nemen. Ermee rond te wandelen. Te troosten. “Zou die mama borstvoeding geven?” vraag ik me af.

De jongeman-met-de-oortjes schuifelt zenuwachtig heen en weer. Herhaalt af en toe mompelend “Zwijg toch!” en “Wat een gejank, zeg!” En dan opeens staat hij weer recht. Iedereen houdt zijn adem in. Hij beent naar het Afrikaanse gezinnetje en vraagt dwingend: “Kan je die kleine niet doen zwijgen?! Ik word er niet goed van!”. Hij doet zijn best om kalm te blijven. Maar de vriendelijkheid klinkt toch een beetje gemaakt.
De kerel loopt terug naar zijn zitplaats. Mama en papa beginnen op gedempte toon met elkaar te praten. Ze zijn het ergens niet over eens. Mama pakt haar jongste kindje bij zich, terwijl de discussie oploopt. Op hetzelfde moment gaat het huilen over in een, voor mij, heel bekend geluid. Een zeurderig jammeren, maar gerustgestelder. Het moment waarop een kindje nog niet aan de borst ligt. Maar wel weet dat dat niet lang meer zal duren. “Zou ze….?”, vraag ik me af. Heel even gesmak en de stilte die daarop volgen vertellen me genoeg. “… gonna give nèhnèh! … don’t want trouble!”, hoor ik haar op besliste toon tegen haar man zeggen.

De kerel voor me zucht verlicht. “Zo, dat is beter!”, mompelt hij triomfantelijk. Hij zet zich recht. Neemt een slok van zijn cola. Kijkt rond. Zet het blikje met een besliste tik weer op tafel. En boert. Luid. Vervolgens draait hij de volumeknop van zijn muziek nog wat hoger. En besluit: “Stomme kinderen!”

 © 2012

Kindvriendelijk flesvoeding geven

maandag, mei 2nd, 2011

Er zijn voldoende studies verschenen die aantonen dat kunstvoeding nadelen heeft ten opzichte van borstvoeding.
De samenstelling van kunstvoeding tipt nog steeds niet aan het origineel, zijnde moedermelk. En dat lijkt in de eerstkomende jaren niet snel te gaan veranderen. Hoe graag de kunstvoedingsindustrie ons ook anders wil doen geloven…

Afgekolfde melk

Maar ook de manier waarop er (ook door zorgverleners) soms aangeraden wordt om flesvoeding te geven, doet vragen rijzen. Voeden op de klok, waarbij het kindje tussen de voedingen door “tevreden” gehouden wordt met een speentje of afgeleid wordt met een wandeling, spelletje of speelgoedje. Het pogen om jonge babytjes al na enkele weken te programmeren om de nacht door te slapen, alsof het computerprogramma’s betreft en niet minimensjes. En het proberen om die lieve kleine wezentjes zo snel mogelijk op zo weinig mogelijk voedingen te zetten, waarbij dat maagje maar zo vol mogelijk gepropt wordt met melk en aanverwanten… Kindvriendelijk vind ik het niet…

Als je je door omstandigheden genoodzaakt ziet om je kindje fles- of kolfvoeding te geven, doe het dan alstublieft op een kindvriendelijke manier. Een manier die het dichtst aansluit bij de voedingsmethode waarop de mens al miljoenen jaren overleeft, zijnde borstvoeding.

Enkele tips:

  1. Draag het flessenspeentje tijdens het bereiden of opwarmen van de voeding even bij je, onder je shirt, zodat het warm aanvoelt en heerlijk ruikt en smaakt naar mama. De natuur heeft het immers zo voorzien dat mama normaalgezien in de babyvoeding voorziet.
  2. Hou je kindje tijdens het geven van het flesje dicht tegen je aan, met zo veel mogelijk lichaamscontact tussen jou en je baby, zoals je ook zou doen bij het geven van borstvoeding. Je kindje voeden is immers meer dan het doorgeven van voedingstoffen. Het is ook gezellig samenzijn, vertrouwen en geborgenheid geven, troosten, enzovoort. Dat alles bereik je beter als je je kindje heerlijk dicht tegen je aan trekt en voedt in alle intimiteit. Neem dus je tijd voor de voedingen. Maak er meer van dan het louter bevredigen van het hongergevoel bij je kindje.
  3. Wek de zoekreflex op door met het speentje zachtjes over de kaak en de lipjes van je kindje te strelen. Als je kindje spontaan de mond opent en een grote hap neemt, kan je het flesje in zijn mondje steken.
  4. Stop de speen redelijk ver in zijn mondje, tot aan de overgang tussen hard en zacht verhemelte. Dat is de meest natuurlijke manier van drinken voor je kindje. Bij borstvoeding zit de tepel ook ver in het babymondje en neemt het kindje een groot stuk van het tepelhof mee in de mond.
  5. Hou het flesje wat horizontaler, draai de speen vast aan en gebruik een flessenspeen met een klein gaatje. Zo stroomt de melk langzamer. En moet je kleintje moeite doen om melk uit zijn flesje te krijgen. Net zoals hij ook aan de borst zou moeten doen. Hiermee boots je niet alleen de meest natuurlijke manier van drinken na, maar geef je je kindje tevens de kans om zijn zuigbehoefte goed te bevredigen, zodat hij na de voeding geen fopspeen meer nodig heeft. Zeker als je kindje dreigt om boven de maximum hoeveelheid cc’s uit te komen op een etmaal is dit een goede manier om hem tevreden te houden en toch in zijn zuigbehoefte te blijven voorzien.
  6. Voed je kindje op verzoek, dus bij de eerste hongersignalen en stel geen voedingen uit. Kijk dus niet naar de klok om je kindje te voeden, maar kijk naar je kind zelf! Als je je kindje voedt zoals bij borstvoeding (zie punt 4), dan krijgt het ook de kans om zijn zuigbehoefte te bevredigen. Dan zal het geen fopspeentje nodig hebben. En zal het ook niet boven de maximum aantal cc’s voeding per dag komen.
  7. Spreid de voedingen over zowel de dag als de nacht, als je kindje daar behoefte aan heeft. Het is uiterst onnatuurlijk voor een jonge zuigeling om de hele nacht door te slapen. Tot ver boven het jaar is het normaal dat kinderen nog behoefte hebben aan een of meerdere nachtvoedingen. Of je fles- dan wel borstvoeding geeft, staat daar zelfs los van.
  8. Volg je kindje wat de hoeveelheden voeding betreft. Probeer niet om je kindje meer te doen eten dan het aankan. Dwing je kindje niet om zijn flesje tot op de bodem leeg te drinken. Vertrouw erop dat een normaal groeiende en gezonde zuigeling heel goed zelf kan bepalen hoeveel hij nodig heeft. De ene keer zal dat een hele fles zijn, de volgende keer misschien maar de helft. Wij eten of drinken ook niet altijd even veel… Je kindje zelf de hoeveelheden laten bepalen is de meest natuurlijke manier van voeden. Bij borstvoeding weet je immers ook niet exact hoeveel je kindje per keer drinkt en zijn er grote voedingen en tussendoorslokjes bij. Dronk je kindje overdag niet voldoende, geef hem dan de gelegenheid om zijn tekort ’s nachts in te halen. Dat is een normaal voedingspatroon dat vanzelf overgaat, eens je kindje daar klaar voor is.

Afgekolfde melk drinken uit een bekertje

Opmerking: Geef je live borstvoeding en moet je kindje om de één of andere reden kolfmelk of kunstvoeding krijgen, dan is cupfeeding of voeden met een lepeltje vaak een borstvoedingsvriendelijkere optie dan flesjes.

Als je vroeger dan verwacht stopt met borstvoeding (Aidulac.nl)

© 2011-2012

Voeden op verzoek of op schema?

maandag, januari 17th, 2011

Hoe “werkt” borstvoeding?

Wat betekent voeden op verzoek?

Wanneer voed je op verzoek?

Wat zijn de voordelen van voeden op verzoek?

Wat wordt er bedoeld met vraag en aanbod?

Waarom moet ik mijn kind zelf de duur van de voeding laten bepalen?

Waarom moet ik mijn kind vaak voeden?

In welke situaties is het beter om op schema te voeden?

Andere situaties waarbij men soms gaat voeden op schema

Let op als je besluit te gaan voeden op schema!

————————————————

Hoe “werkt” borstvoeding?

Tijdens de zwangerschap regeren vooral de hormonen oestrogeen en progesteron. Zij zorgen voor de groei en ontwikkeling van je borsten. En bereiden hen voor op hun borstvoedingstaak.

Na de bevalling daalt de hoeveelheid oestrogeen en progesteron. En stijgt het basisgehalte aan prolactine en oxytocine in je lijf. Het hormoon prolactine zorgt voor de aanmaak van moedermelk, vanuit je bloed. Het hormoon oxytocine zorgt ervoor dat de moedermelk die klaarzit in je melkkliertjes, via je melkkanaaltjes naar voren gestuwd wordt tot vlak onder je tepelhof. Dit is de zogenaamde toeschietreflex. Door je tepelhof te masseren met zijn tong, tijdens het drinken, haalt je babytje de melk uit je borst. Het vasthouden van een vacuüm helpt daarbij. Dat is dan ook de reden waarom een kindje dat goed aanhapt aan de borst niet alleen de tepel, maar ook een groot deel van het tepelhof mee in de mond moet nemen. Hoe meer tepelhof hij mee naar binnen pakt, hoe makkelijker het vacuüm vast te houden is. En hoe meer melk hij uit je borst zal kunnen masseren.

Als je babytje bij je drinkt, stimuleert die met zijn mond en tong je tepel en tepelhof. Die prikkeling van je borsten doet het prolactine- en oxytocinegehalte in je lijf stijgen. Samen met het langzaam legen van je borst tijdens het drinken, zal dat ervoor zorgen dat er daarna meer melk aangemaakt wordt. Vandaar dat je je babytje best zo vaak mogelijk aanlegt. Daarmee verzeker je je van een goede melkproductie. En je kleintje van een stevig maaltje.

Bij moeders die geen borstvoeding geven of al snel overschakelen op kunstvoeding, daalt de hoeveelheid prolactine en oxytocine vrij snel weer na de geboorte. Omdat hun kleintje hun tepels en tepelhof niet (langer) stimuleert. En hun borsten niet (meer) geleegd worden.

Wat betekent voeden op verzoek?

Bij borstvoeding ga je normaalgezien je kindje telkens voeden wanneer het daar om vraagt. En hem zo lang aan de borst laten drinken als hij zelf wil.

Een babytje voelt namelijk zelf heel goed aan wanneer het de volgende voeding nodig heeft. Soms is dat pas drie of vier uur na de vorige voeding. Soms al na een half uurtje of een uur.

Hoe lang mag een baby zonder voeding?

Er zijn voedingen waarbij hij slechts vijf minuten aan de borst hangt. En soms meer dan twintig minuten. Allemaal prima en perfect normaal!

Hoe lang duurt een voeding?

Wanneer voed je op verzoek?

  • Bied je kindje elke keer de borst aan wanneer het daar om vraagt. Hou zijn hongersignalen in de gaten:
  • Onrustig bewegen in de slaap
  • Mondbewegingen maken in de slaap
  • Wakker worden
  • Smakgeluidjes maken
  • Zoekend rondkijken
  • Mondje zoekend opensperren
  • Op de handjes sabbelen
  • Op speelgoed sabbelen

Huilen is een laatste hongersignaal. Beste is om je kindje te voeden bij de eerste hongersignalen. En niet pas als het de borst gaat “eisen”.

  • Ga geen voedingen uitstellen, om welke reden dan ook.
  • Geef geen speentje aan je kindje. Maar laat elke zuigbehoefte aan de borst bevredigen. Geef eventueel je leegste borst opnieuw als je kindje nog wel wil zuigen, maar geen honger meer lijkt te hebben.
  • Laat je kindje drinken totdat het helemaal verzadigd is. En zelf de borst lost.
  • Bied zo vaak mogelijk de tweede borst nog aan, nadat je kindje de eerste leeg gedronken heeft. Je kleintje zal dan zelf bepalen of het nog een “dessertje” wenst of niet.

Wat zijn de voordelen van voeden op verzoek?

  • Moedermelk is licht verteerbaar. Je zal dus regelmatig je kleintje moeten voeden. Doe je dat op verzoek, dus bij de eerste hongersignalen, dan verspeelt je babytje geen onnodige energie aan hongerhuilen. En zal hij veel effectiever aan de borst drinken. Bovendien is de kans dan ook kleiner dat hij aan de borst in slaap valt.
  • Babytjes die gevoed worden op verzoek zijn doorgaans rustigere en tevreden baby’s.
  • Babytjes die gevoed worden op verzoek hebben minder last van krampjes. Je hebt immers minder last van stuwmelk als je borsten regelmatig “leeg” gedronken worden. Bij stuwing is de verhouding voormelk ten opzichte van de achtermelk veel groter. Hierdoor komt je kleintje soms niet aan de noodzakelijke achtermelk toe. Achtermelk bevordert de spijsvertering en voorkomt krampjes. Bovendien kan honger (door het uitstellen van een voeding bij schemavoeden) ook krampjes veroorzaken.
  • Babytjes die gevoed worden op schema gaan onrustiger drinken aan de borst. Omdat ze grotere honger hebben. Als je als mama dan ook nog eens last hebt van stuwing (door het uitstellen van de voeding), heb je ook meer kans op tepelkloofjes. Bij een gestuwde borst is het immers moeilijker aanhappen voor je liefje.

Wat wordt er bedoeld met vraag en aanbod?

Voed je op verzoek, dan gaan je borsten melk aanmaken al naargelang de vraag van je kindje. Hoe vaker je kindje bij je drinkt, hoe meer melk er dus aangemaakt wordt. En omgekeerd. Zuinig zijn op je melk heeft dus een averechts effect…

Eén van de mooiste eigenschappen van borstvoeding is immers dat je als moeder steeds voldoende melk kan aanmaken voor je kind(eren). Zelfs bij een meerling!

Waarom moet ik mijn kind zelf de duur van de voeding laten bepalen?

Vroeger sprak men bij borstvoeding over voormelk en achtermelk. Alsof het twee verschillende soorten melk zouden zijn. En op een bepaald moment tijdens de voeding de ene soort opeens overgaat in de andere.
Zo werkt het echter niet. Aan het begin van de voeding krijgt je kindje vooral waterige melk te drinken, de zogenaamde voormelk. Deze is dorstlessend. En helpt goed om het eerste hongergevoel bij je kindje te stillen. Die eerste melk wordt tijdens de voeding dan geleidelijk aan vermengd met vettere en calorierijkere melk. De zogenaamde achtermelk. Hoe leger de borst, hoe vetter en calorierijker de melk dus.

De overgang tussen beide is dus niet zo abrupt als vroeger gedacht. Maar verloopt heel geleidelijk. Je kindje voelt die langzame overgang instinctief aan. En zal op een bepaald moment de borst lossen. Heeft ie vooral dorst en minder honger, dan zal hij al snel de borst lossen. Is je kleintje heel hongerig en heeft hij nood aan die vullendere vette achtermelk, dan zal hij langer blijven hangen.

Vandaar dat het dus heel belangrijk is om je kleintje zélf de duur van de voedingen te laten bepalen. En hem niet eerder af te koppelen!

Waarom moet ik mijn kind vaak voeden?

Hoe vaker je voedt of kolft tijdens de eerste dagen en weken na de geboorte van je kleintje, hoe meer prolactinereceptoren of melkcellen er gestimuleerd zullen worden. Die melkcellen zitten op je melkklierweefsel. Geactiveerde melkcellen zetten de melkklieren aan tot het maken van moedermelk. Hoe meer melkcellen er geactiveerd werden tijdens die eerste dagen en weken, hoe sneller je borsten weer nieuwe melk zullen maken nadat je kleintje ze “leeg” gedronken heeft. Vaak voeden in het begin, verzekert dus een optimale melkproductie op lange termijn!

Als je borsten erg vol of gespannen aanvoelen, dan wordt er een eiwit (FIL of Feedback Inhibitor of Lactation) geactiveerd dat de melkproductie afremt. Geef je maar één borst per keer of laat je veel tijd tussen twee voedingen, dan heb je meer kans dat de FIL geactiveerd wordt. Wat de melkproductie zal doen dalen op lange termijn. Vaak voeden zorgt er dus voor dat er steeds voldoende melk beschikbaar is voor je kleintje!

Met andere woorden: hoe leger je borsten, hoe meer melk er aangemaakt wordt. En hoe voller je borsten, hoe minder melk er aangemaakt zal worden.

In welke situaties is het beter om op schema te voeden?

Stille ondervoeding

Als je een stille hongeraar in huis hebt, lijkt het me beter om te voeden op schema. Of liever: te voeden op vraag van de moeder en niet van het kind.

Stille hongeraartjes zijn pasgeboren babytjes die erg slaperig zijn. En dus niet wakker worden van de honger. Omdat ze daar eenvoudigweg de energie niet (meer) voor hebben. En net omdat ze slecht wakker worden, legt mama hen niet zo vaak aan. Waardoor de melkproductie langzaam achteruit gaat. Ze nog minder voeding binnenkrijgen. En nog slechter wakker worden voor een voeding. Weer minder gaan eten. Minder productie. Enzovoort. Een vicieuze cirkel dus.

Jonge babytjes geven immers niet altijd goed aan wanneer ze honger hebben. Omdat ze te moe zijn. En dus eigenlijk alleen maar willen slapen. Laat je hén dan verzoeken, dan worden sommige onder hen stille hongeraartjes. Uit zelfbescherming… Om hun weinige en dus zeer kostbare energie niet te verliezen…

Meer over stille ondervoeding

Hyperlactatie

Bij een te grote melkproductie bij de moeder kan het ook nodig zijn om tijdelijk een schema aan te houden. Het zogenaamde blokvoeden. Blokvoeden kan echter ook gecombineerd worden met voeden op verzoek. Je blijft dan gedurende een bepaald tijdsblok telkens dezelfde borst opnieuw aanbieden. En dat totdat je overproductie onder controle is.

Meer informatie over stuwing, hyperlactatie en blokvoeden

Ziekte/handicap/prematuriteit

Bij ziekte, handicap of prematuriteit van het kind is het soms ook nodig om te voeden op mama’s verzoek in plaats van op verzoek van het kind. Zodat het kleintje voldoende vocht en voeding binnenkrijgt. En niet uitdroogt. Zieke kinderen, kinderen met bepaalde handicaps of prematuur geboren babytjes hebben soms de neiging om minder of minder duidelijke hongersignalen uit te zenden.

Bovendien maken sommige medicijnen het kind ook suffer of slaperiger. Waardoor het hongergevoel onderdrukt kan worden. En de communicatiemogelijkheden beknot.

Andere situaties waarbij men soms gaat voeden op schema

Sommige situaties lijken om een schema te vragen. Maar niet in alle situaties is voeden met een schema een garantie dat de melkproductie op peil blijft. De basisregel bij borstvoeding is en blijft immers dat je voedt op verzoek. Ook in onderstaande situaties!

Afbouwen

Als je de borstvoeding wil gaan afbouwen, is schemavoeden makkelijker om een overzicht te houden op het aantal voedingen. En de overgang naar de flesvoeding (die meestal op schema gebeurt) te vergemakkelijken.

Let wel: afbouwen naar slechts een aantal voedingen per dag werkt niet voor elke baby en/of moeder. Hoe jonger je kindje, hoe meer kans dat je melkproductie te sterk daalt. Wil je de productie weer omhoog, dan zit er niets anders op dan weer vaker te gaan voeden (of kolven).

Overige situaties

Andere situaties waarbij voeden op verzoek wel kan, maar waarbij enige regelmaat in de borstvoedingen soms meer rust brengt, bij het kind of bij de moeder. Of meer tijd kan vrijmaken voor het huishouden of de zorg voor de andere kinderen:

–              Huilbaby’s

–              Refluxbaby’s

–              Meerlingen

–              Gespannen, extreem zenuwachtige of onzekere moeder

–              Groot gezin

–              Ziekenhuisopname

–              Bij afwezigheid van de moeder, bijvoorbeeld gescheiden ouders of een moeder die uit werken gaat

Let op als je besluit te gaan voeden op schema!

Ga je voeden op schema, leg je kindje dan zeker elke twee tot drie uur aan. Vraagt je liefje wat eerder om een voeding, op regeldagen bijvoorbeeld, leg het dan wat eerder aan. Hou je schema dus losjes en ga geen tijd tussen de voedingen oprekken.

Voed je op schema, dan moet je voortdurend alert zijn of je kindje wel voldoende voeding binnenkrijgt. Meer informatie

© 2011-2012

Borstvoeding altijd voeding?

vrijdag, mei 21st, 2010

“Borstvoeding is zoveel meer dan enkel en alleen maar voeding.” hoor je wel eens. Maar wat is het dan meer? Hieronder enkele suggesties:

Borstvoeding: moedermelk als voeding

Dorstlessertje: moedermelk om de dorst te lessen, bij warm weer bijvoorbeeld

Tussendoortje: een kleine voeding, zoals volwassenen tussendoor even een theetje of koffietje drinken of een koekje eten

Doorspoelertje: enkele slokjes tijdens of na de vaste voeding om het eten door te spoelen

Knetterborst: aan de borst zo ontspannen, dat ook de darmpjes lekker hun gang kunnen gaan

Clusterborst: clusteren om beter door te kunnen slapen ’s nachts en/of mama’s productie op peil te houden

Indommelborst: tutten om in slaap te kunnen vallen

Slaapmutsje: het indommelen gebeurt pas na de voeding, maar zonder dit slaapmutsje zal er niet geslapen worden

Verwarmingsborst: even opwarmen bij mama, tijdens een koude nacht of na een winterwandeling bijvoorbeeld

Troostborst: even een slokje om getroost te worden na een huilbui

Speen: als kindlief de plastieken variant niet moet

Stilteborst: om je kindje stil te houden tijdens een toespraak, lezing, enzovoort

Mamahonger: dan gaat het niet om de melk, maar om het lekker warm en zacht bij mama zijn

Knuffelborst: fijn kroelen met mama en even exclusieve aandacht

Lolborst: tijdens het drinken regelmatig loslaten na een klein slokje om mama met een brede smile liefjes aan te kijken

Plaagborst: variant op de lolborst, waarbij kindlief ook een “liefdesbeetje” geeft in de borst

Bijtring: mama’s borst gebruiken om doorkomende tandjes te “scherpen”

Trommelborst: om lekker tegen te meppen

Grijpreflexborst: als er flink geknepen wordt in de borst

Nageltjes-moeten-geknipt-signaal-borst: als de grijpreflexborst gepaard gaat met pijnlijke striemen op mama’s borst

Oefenborst: borstvoeding aan kindjes die nog niet 100% live drinken en dus nog moeten oefenen aan de borst vooraleer alle voeding live bij mama te kunnen drinken

Trainingborst: je kindje op je buik leggen, zodat het zijn of haar hoofdje moet optillen op zoek naar de borst

ORS: regelmatig enkele slokjes moedermelk drinken, kan een kindje dat op uitdrogen staat uit het ziekenhuis houden

Zakdoekenborst: als een verkouden kindje aan de borst drinkt, snuift het zijn of haar snottepietjes automatisch naar binnen

Neusdruppelborst: als er ontsmettende moedermelk door de neus loopt tijdens het drinken bij een verkoudheid

Powermelk: afbouwmelk, bevat nog steeds evenveel antistoffen als wanneer je volledig zou voeden (maar natuurlijk wel minder groeistoffen en dergelijke omdat je minder melk in kwantiteit hebt)

Vaccinatieborst:  in moedermelk zitten zo veel antistoffen dat borstekindjes doorgaans minder snel of minder ernstig ziek worden

Moederliefde: tijdens de borstvoeding wordt zowel bij de moeder als bij het kind een hormoon vrijgemaakt waardoor beide zich gelukkiger gaan voelen

Rustmoment: borstvoeding is zowel voor moeder als kind een moment waarop je even verplicht moet en mag uitblazen en onderuitzakken

Veilige haven: vooral voor oudere kinderen (dreumessen en peuters) is het besef dat je altijd bij mama terechtkan voor een (troost)slokje vaak een stimulans om vol vertrouwen de wereld te gaan ontdekken

… Vul gerust aan! :-)

© 2010